Schapendrijven is een voor ons land nog tamelijk jonge sport.
Mede dankzij de uitzendingen van "One man end his dog" op de BBC werd deze tak in de hondensport in ons land populair.
In België vinden de meeste trials (= zie verder uitleg) plaats in de Antwerpse Kempen of in Limburg.
Daar zijn grote terreinen beschikbaar.
In West-Vlaanderen is deze sport nog vrij onbekend.
Wat is schapendrijven
Bij het schapendrijven wordt er verwacht dat de hond samen met de handler op een rustige manier de schapen bij elkaar houdt en van de ene plaats naar de andere brengt.
Alle werk moet rustig en beheerst verlopen.
Bij elke ondoordachte beweging kan een schaap in paniek geraken.
Schapenhonden zijn eigenlijk roofdieren die samen met de herder op jacht gaan.
Door het verfijnen van de natuurlijk instincten van de hond, d.m.v. stelselmatige training, wordt de slotfase "het doden van de prooi" onderdrukt.
Het meest uitgesproken ras om schapen te hoeden en aan trials deel te nemen is de BORDER COLLIE.
Reeds jarenlang is dit ras gefokt met slechts 1 doel: het werken op boerderijen met schapen en koeien en zo het werk van de herder/boer gemakkelijker te maken.
De huidge manier van werken van de Border Collie is gebaseerd op jarenlange selectie.
Door de jaren heen heeft men dieren geselecteerd, die zo goed mogelijk aan al de eisen voldoen om uitstekende werkhond te zijn, zoals bvb. snelheid, durf, uithoudingsvermogen.
Hij beschikt over een geweldige fysiek en een groot uithoudingsvermogen.
Niets mag hem deren in zijn drang om te werken en in zijn "will to please" !
Ook de manier waarop hij zijn schapen benadert speelt een grote rol ; hij sluipt als het ware naar de schapen toe en maakt zich zo klein mogelijk, waardoor hij de schapen zo min mogelijk opschrikt.
Slechts d.m.v. een 10-tal basiscommando's, al dan niet fluitsignalen ; en heel wat lichaamstaal, verstaat de hond wat er van hem verlangd wordt.
De basiscommando’s schapendrijven
Bij het schapendrijven gebruikt men een aantal commando's die de hond moet leren. Op deze manier wordt de hond zo gestuurd dat hij de schapen in de richting brengt die jij wilt. In het begin heb je genoeg aan een aantal basiscommando's. Deze worden vaak in het Engels gegeven, ik vind het wat vriendelijker klinken, maar er kan ook met Nederlandse commando's getraind worden.
Op het moment dat je verder gevorderd bent komen er nog een paar commando's bij. Ook kun je, als jij en de hond de commando's goed kennen, fluitsignalen geven. Dit is niet makkelijk, omdat het fluitsignaal altijd hetzelfde moet zijn voor het commando dat je geeft. Als je met meerdere honden tegelijk gaat werken, is het makkelijker voor elke hond een ander commando en fluitsignaal te geven. Dit om te voorkomen dat de hond die bv."lie down"moet, gaat lopen als de andere "walk on" krijgt.
Hier onder een paar basiscommando's met fluitsignalen
Lie Down:(of Af) Dit is "de noodrem" voor de hond. Een hond kan in een enkele seconde afliggen. Sommige honden stoppen alleen even met lopen. Bij "Lie Down" blijven sommige honden staan, vaak met hum kop laag en wat door de voorpoten gezakt. Dit mag ook, het is een 'stop'teken, waardoor de hond niet verder gaat
Walk on:(of Loop verder) Hierbij loopt de hond recht op de schapen af. Dit commando wordt gebruikt bij zowel de fetch als bij de drive. Een gevorderde Border zal hierbij zelf correcties uitvoeren om de kudde in een rechte lijn te laten lopen.
Come bye: (of Linksom) De hond rent (met de klok mee) om de kudde heen. Je moet het bekijken vanuit de positie van de hond. Dit is in het begin wat lastig, maar dat leer je vrij snel.
Away: (of Rechtsom) De hond rent (tegen de klok in) om de kudde heen. Ook hierbij moet je het vanuit de positie van de hond bekijken .
That'll do: (of Klaar) Dit is het commando voor het stoppen met het werk. De hond moet hier komen. Het werk zit erop!
Nog een paar commando's
Steady
Steady: (of Rustig) Dit wordt gebruikt als een Border te snel gaat en afgeremd moet worden.
Stand Still
Bij "Stand stil" moet de hond blijven staan. Dit wordt gebruikt als de schapen te snel lopen.
Look Back
Bij "Look back" moet de hond achterom kijken en naar de schapen zoeken die zich achter hem/haar bevinden , dat kan buiten het gezichtsveld van de hond zijn en deze dan gaat ophalen. Look back wordt gebruikt bij een dubbele outrun. Bij het hoeden in de praktijk wordt het gebruikt als er schapen achterblijven of er vandoor gaan.
Speed Up
Bij het"Speed up" moet de hond zijn tempo verhogen en zo meer druk op de schapen uitoefenen.
Get Up
"Sta op en blijf staan".Dit is voor het werk op zeer korte afstand. Als de hond ligt, oefent hij/zij de minste druk uit op schapen, als de hond staat is het al wat meer en wanneer de hond loopt is dat voor de schapen het meest bedreigend.